Médée (opera)

Componist: Marc-Antoine Charpentier

Librettist: Thomas Corneille

Première: 04-12-1693 te Parijs

Korte inhoud

Proloog
De proloog bestaat uit een lofzang op Lodewijk XIV omdat hij vrede brengt in zijn koninkrijk.

Eerste akte
Voorafgaand aan de opera: Medea heeft de liefde van Jason gewonnen toen zij hem hielp het gulden vlies te bemachtigen. Omdat zij daarvoor de koning van Thessalië heeft omgebracht, is het tweetal gevlucht naar Corinthië. Hier is Jason verliefd geworden op prinses Creusa, de verloofde van Oronte. Medea beklaagt zich over haar lot, maar beseft ook dat zij de bescherming van Oronte en koning Creon nodig heeft. Jason filosofeert bij zijn vertrouweling Arcas over zijn schuldgevoel ten opzichte van Medea en zijn liefde voor Creusa.

Tweede akte
Koning Creon vertelt Medea dat hij tegen haar vijanden zal vechten. Zij zal dan echter wel Corinthië moeten verlaten. Verdrietig vertrouwt Medea haar kinderen toe aan de zorgen van Creusa. Eenmaal alleen bedenkt Creon dat hij zowel Oronte als Jason bij zich in de buurt wil houden opdat zij beiden - uit liefde voor Creusa - voor zijn koninkrijk zullen vechten.

Derde akte
Oronte biedt Medea en Jason asiel aan in zijn geboorteland Argos. Maar Medea vertelt Oronte over Jasons liefde voor Creusa. Beiden zweren wraak. Terwijl Creon het huwelijk tussen Jason en Creusa aankondigt, bereidt Medea een gif waarmee zij de jurk van Creusa doordrenkt.

Vierde akte
Medea en Oronte bereiden hun wraak voor. Medea gebruikt daarbij haar toverkrachten om Creon waanzinnig te laten worden.

Vijfde akte
Creusa smeekt Medea om Creon weer bij zinnen te brengen. De Corinthiërs melden intussen dat Creon Oronte heeft vermoord en vervolgens zichzelf. Creusa wil zich op Medea wreken maar dan activeert Medea het gif in Creusa's jurk. Creusa sterft in Jasons armen. Dan blijkt de volle omvang van Medea's wraak: zij heeft zojuist ook haar eigen kinderen gedood.

Toelichting

Médée is het enige werk dat Charpentier voor de Académie Royale de Musique geschreven heeft. Het wordt beschouwd als de belangrijkste opera uit het decennium na de dood van Lully in 1687. Lodewijk XIV kwam Charpentier persoonlijk complimenteren met de opera.

Opvallend aan de Charpentiers toonzetting van Médée is de muzikale diepte die hij bij de titelheldin bereikt. Haar gemoed varieert van intens verdriet, wraakgevoelens, moederlijke liefde tot afschuw over haar eigen daden.
In zijn geheel genomen is Médée een compendium van de vocale en instrumentale genres van de 17de eeuw, met ouvertures, passacailles, chaconnes, recitatieven, arioso's, airs, lamento's, ensembles en koren. Daarbij besteedde Charpentier veel aandacht aan de klankkleuren, de tempi en dynamiek zodat men de opera ook nog eens zou kunnen beschouwen als een 17de-eeuws meestervoorbeeld voor orkestratie.