Benjamin Rous

Als klein jongetje bladerde ik uren door boeken over kunst uit de klassieke oudheid, gegrepen door de krachtige maar sierlijke vormen en vooral door de geweldige verhalen erachter. Die jeugdige voorliefde vertaalde zich naar een studie die helemaal aansloot op mijn fascinatie voor de resten van de menselijke beschaving die zich onder de grond schuilhouden of hebben gehouden, en de verhalen die je daarmee kunt vertellen over het verleden: Mediterrane Archeologie, aan de Universiteit van Amsterdam. Aan dezelfde universiteit promoveerde ik op monumentale tempelarchitectuur rond Rome in de tweede en eerste eeuw voor Christus. Dat wekt een behoorlijk gespecialiseerde indruk, maar niets is minder waar: door veel colleges te geven over Etruskische en Romeinse kunst en cultuur en artikelen te schrijven voor onder meer Kunstschrift behield ik mijn brede klassieke blik.

Na een aantal jaar te hebben gewerkt als coördinator bij de restauratorenopleiding van de Universiteit van Amsterdam ben ik tegenwoordig coördinator van een onderzoeksinstituut waarin verschillende Nederlandse musea en universiteiten die onderzoek doen naar cultureel erfgoed, samenwerken. Daar heb ik een heel andere, razend interessante kant van kunstobjecten leren kennen: de wereld onder de oppervlakte. Daar voltrekken zich vervalprocessen die het uiterlijk van een object onherroepelijk kunnen veranderen. Het is fascinerend om kunst ook op zo’n manier leren kennen; je kijkt in musea nooit meer op dezelfde manier naar objecten!

Op mijn 15e kwam er een tweede klassieke liefde in mijn leven: de muziek, en dan vooral de opera. Na een uitvoering van Verdi’s Aida in Carré was ik hopeloos verloren. Een bijbaan in het Concertgebouw tijdens mijn studententijd opende ook de deuren naar de wijdere wereld van de klassieke muziek. De liefde voor muziek is sinds die tijd alleen maar gegroeid en verdiept, en werd zelfs zo groot dat ik inmiddels het leeuwendeel van mijn ‘vrije’ tijd besteed aan het schrijven en vertellen over opera en klassieke muziek. Zo schrijf ik op dit moment voor Uitgeverij Van Oorschot een boek over opera. Aan de hand van ruim dertig sleutelwerken en geef ik een korte geschiedenis van het genre en van mijn eigen ontwikkeling als operaliefhebber.

Het is een van de manieren waarop ik mijn uiteenlopende passies met hartstocht op anderen probeer over te brengen en te delen. Want wat is er fijner dan samen te genieten van al het moois en interessants dat kunst en muziek te bieden heeft?